Sinds ik in Mae Sot ben heb ik een hoop mensen leren kennen. Allereerst natuurlijk mijn geliefde, schattige, onschuldige, grappige, (...) boefjes, daarnaast begin ik ook steeds meer inwoners van Mae Sot te leren kennen (of liever gezegd, zij "kennen" mij, dat is natuulijk niet zo moeilijk, zoveel Blond heb je hier niet rondlopen). Verder ontmoet ik ook een hoop buitenlanders: Aziaten die ongure handel drijven; toeristen die naar Mae Sot reizen om even snel de grens met Birma over te steken om hun visum te verlengen (...).
Je loopt hier zo Birma binnen: heel gewoon,over de vriendshapsbrug... je moet dan je horloge met een half uur verzetten en ook moet je niet vergeten om rechts (en niet meer links) te gaan rijden. Verder moet je je meteen gedragen, want voordat je een eerste stap op Birmese bodem hebt gezet word je in de gaten gehouden. Ver zul je sowieso niet komen, je moet bij binnenkomst je paspoort achterlaten bij de douane en aan het einde van de dag word je vriendelijk verzocht dit grensstadje te verlaten. Lang leven de dictatuur.
Naast toeristen kom je in Mae Sot een hoop westerlingen tegen die voor NGO's werken. Het is erg makkelijk om ze te ontmoeten, ze gaan allemaal naar dezelfde bars en restaurants (daar waar je friet en hamburgers kunt eten). Over NGO's zou ik een heel boek kunnen schrijven: aan de ene kant zijn ze onmisbaar, aan de andere kant hebben de werknemers vaak een onuitstaanbare, arrogante houding en zouden ze veel efficienter met hun fondsen om kunnen gaan. Sommige NGO's smijten echt met geld: alsof de directeuren en betaalde werknemers niets kunnen verrichten als ze niet continue in de watten worden gelegd!
Toch blijft het een feit dat dankzij grote organisaties grote groepen mensen op efficiente, goed gestructureerde en gecoordineerde manier geholpen kunnen worden. Hoewel de inzet van kleine organisaties vaak groter is hebben ze minder invloed om grote projecten uit te voeren. Toch betekent dit niet dat hun hulp onzinvol is: vrijwilligers die voor kleine organisaties werken hebben vaak een ander doel voor ogen dan degenen die voor een grote NGO werken en vooral hopen op een mooie jeep en exotisch huisvesting. Verder is het contact tussen hulpbehoevende en vrijwilligerswerker vaak intenser en een stuk persoonlijker waardoor er gerichtere hulp gegeven kan worden. Het gevaar van kleine organisaties is dat ze vaak niet op de hoogte zijn van alle aanwezige hulpverlenende structuren waardoor ze vaak met omwegen bij hun doelen komen. Een laatste minpunt is dat ze dikwijls met amateurs werken die onvoorbereid aan een project beginnen.
Hoe goed de bedoelingen van organisatie en vrijwilliger ook kunnen zijn, het kan schade aanrichten aan een project te beginnen zonder na te denken over de reele behoeftes, de vakkundigheid die daarbij gepaard gaat en de tijd die nodig is een dergelijk project uit te voeren.
Zo is vorige week een Canadees op ons schooltje gestrand. Als je hem ziet denk je dat hij de bus naar Center Parcs heeft gemist: bierbuik; sigaretje in zijn vergeelde vingers; een zeer foute bouddha ketting, zo groot als zijn neus (en die is echt enorm); trainingspak (met exotische motieven of met foute leuzen); sokken (iedereen loopt hier op slippers en in de klas, waar je geen schoenen/slippers mag dragen, loopt iedereen dus op blote voeten).
Het schijnt dat hij ieder jaar een maand Engelse les in Mae Sot geeft. Helaas voor Blond is dit op het schooltje waar zij lesgeeft. Peter (een echte Center Parcs naam als je het mij vraagt!!) is ervan overtuigd dat een intensieve Engelse cursus van een maand een redding is voor de studenten.
Peter windt er geen doekjes om: gedurende drie blok-uren voert hij een show op waar Emile Ratelband trots op zou kunnen zijn. In een Engels, dat meer lijkt op een taaltje dat ouders gebruiken als ze tegen hun baby's praten, behandelt hij de meeste onzinnige onderwerpen en geeft hij de meest wonderlijke oefeningen. Als hij klaar is en tevreden zijn sigaretje rookt zijn de studenten compleet uitgeput en pikken ze in de lessen die volgen niets meer op. Wat deze oh zo lollige Canadees negeert is dat er door zijn lessen een maand lang geen wiskunde, scheikunde en economie gegeven wordt.
Over zes weken hebben de studenten een belangrijk examen dat ze moeten halen om aangenomen te worden op een speciale school die ze klaarstoomt voor het toelatingsexamen voor de universiteit van Chang Mai (grote studentenstad in Noord Thailand). Afgelopen jaar heeft 2% van alle studenten van BHSOH dat examen gehaald... hoe hoog zou dit percentage zijn als het onderwijs beter gestructureerd zou zijn en amateursleraren niet meer worden toegelaten? Het is zo jammer dat mensen zo makkelijk denken over lesgeven, het is een vak apart!
Persoonlijk berichtje van Blond aan Peter: stop thinking yourself, go back Center Parcs!
1 opmerking:
he fleurtje
leuk verhaal (werd wel weer eens tijd) ik hoop dat je ook nog een beetje kan genieten dan je alleen maar te ergeren aan die debielen westerlingen...;)
Een reactie posten